Onderscheiding voor verschuilen joods meisje

Wanneer eind 1940 de Joodse leraar Emile Cohen wordt ontslagen, bedenken Marinus en Jacomina Bierens uit Nieuwdorp  zich geen moment en bieden de man en zijn gezin via zoon Kees (leerling van Cohen op het Lyceum te Middelburg) hulp aan. Dat aanbod wordt aanvankelijk afgeslagen, maar niet veel later komt het verzoek of de familie het dochtertje Martine Cohen kan opvangen. Zonder enige aarzeling wordt het dan 5-jarige meisje in het gezin Bierens opgenomen. Voor de ouders van Martine  regelt Bierens bovendien valse persoonsbewijzen, waarna deze onderduiken in Schoorl.

Heel de oorlog blijft Martine, binnen de familie Martientje genoemd, op de boerderij van Bierens wonen. Hoewel velen in het dorp best wel weten hoe de vork in de steel zit, wordt Martientje niet verraden of opgepakt. Ze geniet van het leven op de boerderij en van de dieren. Meteen na de bevrijding gaat ze met de andere kinderen mee naar school en na enige tijd spreekt ze zelfs al wat Zeeuws. Als na een aantal maanden blijkt dat ook de ouders de oorlog gelukkig hebben overleefd, worden Martine en haar ouders herenigd. Het gezin Cohen gaat in Dordrecht wonen en daarmee vertrekt Martine uit Zeeland, maar het contact met de familie Bierens blijft uiteraard. Martine overlijdt al in 1963, nog maar 25 jaar oud.

 

Dit roerende verhaal krijgt op 29 mei 2015, ruim 70 jaar na dato, een vervolg, wanneer aan Marinus en Jacomina Bierens in BEVRIJDINGSMUSEUM ZEELAND postuum de Yad Vashem onderscheiding wordt toegekend.  Deze hoogste Israëlische onderscheiding, waaraan de eretitel “Rechtvaardigen onder de Volkeren” is verbonden, wordt door de Israëlische Ambassadeur uitgereikt.

Zoon Kees Bierens aanvaardt de medaille en de bijbehorende oorkonde. Bovendien worden hun namen in een muur gebeiteld in een park gewijd aan de “Rechtvaardige onder de Volkeren”.bij het  Instituut voor Oorlogsdocumentatie Yad Vashem in Jerusalem.

In totaal hebben  5711 Nederlanders deze onderscheiding ontvangen, waarvan 33 uit Zeeland. De medaille van het echtpaar Bierens is na het overlijden van hun zoon door de familie Bierens aan ons museum gedoneerd.