Afstandsmeter

beschikbaar gesteld door Johannes Wiskerke

Johannes Wiskerke werd op 8 februari 1914 geboren te Nieuwdorp in en gezin van vader Cees en moeder Prientje. In totaal  waren er twee meisjes en zes jongens in het gezin. Op 13 mei 1937 trouwde hij met Pieternella  Goedegebure en ze gingen wonen aan de Dijklaan H43 (anno 2018 Coudorp 17). Op 25 april 1938 zag dochter Prien het levenslicht.

De slag om Zeeland in mei 1940
Zeeland ontsnapte niet aan de Duitse expansiedrift. Op 10 mei 1940 vielen de Duitse troepen Nederland binnen. In korte tijd wisten zij de Nederlandse strijdkrachten te overmeesteren. In Zeeland was Vlissingen hun eerste doelwit. Ook het scheepvaartverkeer op de Westerschelde kreeg te maken met Duitse Luchtaanvallen. Zeven dagen nadat ze Nederland waren binnengevallen stonden de Duitse troepen aan de Sloedam. Op 17 mei ging de binnenstad van Middelburg in vlammen op en nog diezelfde dag capituleerde Zeeland voor de Duitsers.

Leven tijdens de bezettingstijd
Dochter Prien (79 jaar in maart 2018) herinnert zich de bezettingsjaren niet als echt slecht. Er was in het algemeen in Zeeland genoeg te eten. Wel kwam er op een bepaald moment wat schaarste op het gebied van kleding. Op 10 januari 1942 werd broertje Huib geboren en volgens de overlevering moest  vader Johannes te voet in ijzige kou met meer dan 10 graden vorst dokter Gelderblom gaan halen voor hulp bij de geboorte.


Johannes was één van de vier zonen die onder de bezielende leiding van vader Cees een aannemingsbedrijf runden onder de naam C.Wiskerke&zonen.  Al  voor de oorlog verrichtte het bedrijf  werkzaamheden op het gebied van onderhoud aan dijken en wegen in opdracht van polderbestuur , gemeenten en Rijkswaterstaat. Tijdens de oorlog werden deze werkzaamheden gewoon voortgezet , al zal  de bezetter daarbij wel invloed  hebben uitgeoefend.   Het bedrijf was tijdens de bezettingsjaren en direct daarna o.a. verantwoordelijk voor het onderhoud aan de toenmalige rijksweg vanaf de Sloedam tot aan Rilland (+ 40 km).

Dolle Dinsdag
Dolle dinsdag is een aanduiding  voor dinsdag 5 september 1944. Op die dag speelden zich in heel Nederland emotionele taferelen af naar aanleiding van de uitzending van de BBC, waarin (wat voorbarig) werd  gemeld dat de geallieerde legers vanuit België de grens met Nederland hadden overschreden. Veel Nederlanders maakten zich de volgende dag op om hun bevrijders te begroeten. Vlaggen en oranje vaandels werden tevoorschijn gehaald en bedrijven liepen leeg omdat het personeel de geallieerden op straat wilden opwachten. Onder de Duitsers en NSB’ers brak paniek uit; administraties en documenten werden op grote schaal vernietigd en velen sloegen op de vlucht.

Johannes liep die dag door de Havenweg en zag dat de dorpsbewoners de (onbewaakte) Duitse opslagplaats,  gevestigd in de kerk van de Gereformeerde Gemeente, al gevonden hadden. Men  nam alles mee wat ze konden gebruiken en ook Johannes ging naar binnen en nam wat blikken met vlees en groente mee.  Vanzelfsprekend  was zijn vrouw erg blij met deze producten, maar de volgende dag kondigden de Duitsers aan dat de gestolen spullen moesten worden teruggebracht. Wie dat  niet deed zou opgepakt worden!  Johannes twijfelde, maar zijn echtgenote niet. Ze stopte de blikken onder haar keus (rok bij klederdracht) en verstopte ze in een sloot in de buurt van hun woning.

Bevrijding van Nieuwdorp en de vondst van een afstandsmeter.
Op 30 oktober 1944 werd Nieuwdorp door de Canadezen en Schotten bevrijd.  Overal in de omgeving  bleef er enorm veel  (militair) materieel achter. Tot zijn verrassing kwam Johannes in de voormalige   brandweerkazerne aan de Ring van Nieuwdorp een Tsjechische afstandsmeter tegen. Mogelijk heeft hij gedacht deze voor hun aannemersbedrijf  te kunnen gebruiken. Dit is er echter nooit van gekomen omdat afstandsmeters van dit kaliber alleen geschikt zijn voor het optisch meten van lange afstanden.  Zo wordt een  afstandsmeter als deze met name gebruikt voor het bepalen van de afstand van een rivieroversteek ( b.v. voor het bouwen van een brug door de Genie) of het bepalen van de afstand voor lange-afstandsbeschietingen.  Als  de afstand bekend is, dan kan men  het geschut afstellen op de gemeten afstand.   In het burgermaatschappij werden deze afstandsmeters gebruikt voor metingen door de z.g. “Rijksdriehoeksmeting”.

Daartoe kijkt men door een oculair in het midden van het instrument een voorwerp (kerktoren, dijk of wat dan ook)  op enige afstand via een prisma aan het linkeruiteinde van de buis en ook via een prisma aan het rechteruiteinde. Zodoende ziet men het voorwerp twee keer en  beide beelden zijn horizontaal verschoven. Door de prisma’s nu onder de juiste hoek te draaien zullen beide beelden overlappen en deze hoek laat zich vertalen in een afstand.

Lange tijd heeft de afstandsmeter, door iedereen vergeten,  op zolder gelegen. Dat veranderde toen  zoon Huib waterbouwkunde ging studeren en zich interesseerde voor dit soort apparatuur.  Huib heeft het apparaat enkele keren opgesteld en uitgeprobeerd, wat nog ingewikkeld bleek. Het kadaster uit Arnhem hielp hem aan een uitgebreide beschrijving van de werking annex gebruiksaanwijzing.

Later heeft Johannes  Kees Traas  verteld over de afstandsmeter. Kees toonde gelijk grote belangstelling, vooral ook omdat het een uniek exemplaar betreft dat  geheel compleet  met hulpstukken en statief is verpakt in het originele foedraal.  Johannes heeft vervolgens  aan Huib de wens te kennen gegeven dat, wanneer hij afstand wilde doen van de afstandsmeter, deze aan het bevrijdingsmuseum moest worden geschonken. In december 2017 heeft Huib deze wens ingewilligd.

Het Duitse leger gebruikte veel buitgemaakte wapens en uitrustingstukken. Zo werd deze meter in Frankrijk al voor de oorlog geproduceerd voor het Tsjechische leger. Waarschijnlijk werd de afstandsmeter door de Duitsers na  de inval in Tsjecho-Slowakije buitgemaakt , om vervolgens te eindigen in de provincie Zeeland.