Restauratie | 8.8cm geschut

Mei 2017

Marinefährpräme 920DM

kathymijn 1

De MFP 920 DM was een zogeheten Marinefährpräme, een landingsvaartuig dat was ontwikkeld voor de Duitse invasie van Groot-Brittannië, operatie Seelöwe. Toen deze invasie werd afgeblazen, werden de landingsvaartuigen omgebouwd voor andere taken. Dit vaartuig werd speciaal ingericht voor het leggen van KMA mijnen (Küstemine Type A, ook wel Kathy-mijn genoemd).

Een Kathy-mijn bevat 70 kilo van een zeer explo­sieve springstof, opgenomen in een betonnen onderstuk, 120 cm lang en breed en 60 cm hoog en de mijn explodeerde als een schip of een ander voorwerp tegen de loden voelhoorn stootte, die zich op een ijzeren driepoot manshoog boven de mijn bevond. Ze waren voornamelijk bedoeld om geallieerde landingen op de kust te dwarsbomen. Volgens Duitse opgaven zou­den er langs de Nederlandse kust ongeveer 8.000 van deze mijnen gelegd zijn, twee of drie rijen dik, evenwijdig aan de kustlijn en enkele meters onder de laagwaterlijn.

Op 29 mei 1944 voer het landingsvaartuig (aan stuurboord) tegen een eigen geplaatste mijn aan. Hierbij raakten enkele bemanningsleden gewond en er vielen 17 mijnen overboord. De kapitein wist het schip op het strand van Vrouwenpolder te zetten en zo zinken te voorkomen. Een dag later werd het beschadigde schip bezocht door een bouwmeester van scheepwerf "De Schelde” uit Vlissingen. Besloten werd de voorzijde met laaddeur er af te snijden, het schip met een houten schot en beton af te dichten en vervolgens naar de werf te slepen. Dat laatste zou echter nooit gebeuren, want tijdens het slepen op 12 juni kapseisde het schip, zonk en kwam ondersteboven terecht op de zandbodem van zeearm “Het Veerse Gat” (nu Veerse Meer). 

De berging van de Marinefährpräme 920DM  

 berging 2

 berging 1

Al sinds de jaren tachtig doken er sportduikers naar het wrak, hoewel men veronderstelde dat het om een oude roestbak ging, gezonken bij  de afdamming van” Het Veerse Gat”. Pas in 2004 ontdekten Fred Groen en Andre Ruissen van Wrakduikstichting De Roompot (WDSR) dat ze met een heel ander schip te maken hadden, namelijk een Duitse mijnenlegger.

De mijnenlegger was jarenlang een dankbare locatie voor sportduikers. Rijkswaterstaat wilde echter van het wrak af, omdat het in een vaargeul ligt en daarmee in verboden gebied voor sportduikers. Ondanks drie verkennende duiken door Defensie was bovendien onduidelijk of er nog munitie aan boord was. Mede daarom werd besloten het schip te bergen; eventuele nog bruikbare delen zouden worden opgenomen in de collectie van het Bevrijdingsmuseum Zeeland. Vijf weken lang waren vijftig mensen van de Koninklijke Landmacht, de Koninklijke Marine en diverse civiele partners met o.a. twee grote bouwkranen, een ponton en enkele sleepboten betrokken bij de berging. 

Vanwege de grootte werd de mijnenlegger eerst in drie stukken gezaagd. Daarna werden de delen één voor één op een ponton via het kanaal door Walcheren en de Westerschelde naar de haven in Vlissingen-Oost getransporteerd. Daar aangekomen was het aan het Bevrijdingsmuseum Zeeland om te bepalen wat er behouden kon worden en dus op zou worden genomen in de collectie. 

Helaas bleek het schip bij de tijdelijke reparatie in 1944 al grotendeels te zijn leeggehaald door de Duitsers, dus er waren niet veel objecten meer te bergen. Buitenom wat kleine gebruiksvoorwerpen en het anker was er één bijzonder object, namelijk het 8.8 cm SK C/35 geschut. 

Historie van het 8.8 cm SK C/35 geschut 
Het SK C/35 geschut werd ontworpen voor type VII-onderzeeërs. Dat was na het afsluiten van de Anglo-Duitse Naval Agreement van 18 juni 1935, een overeenkomst tussen het Verenigd Koninkrijk en Duitsland die bepaalde dat de totale tonnage van de Deutsche Kriegsmarine maximaal 35% van de totale tonnage van de Royal Navy mocht zijn. De overeenkomst werd door Adolf Hitler pas op 28 april 1939 opgezegd.

Dankzij de operationele ervaring tijdens de Spaanse Burgeroorlog konden alle kinderziektes van het kanon worden verholpen voordat het in serieproductie ging. Kanonnen voor onderzeeërs vereisten voor hun productie staal van een hogere kwaliteit dan geschut op oppervlakteschepen om zowel de kracht van het water als de corrosie door het zoute water te weerstaan. Verbeteringen in de staalproductie, kanongiettechnieken en instrumenten waren voor dit soort bewapening in deze periode heel belangrijk, omdat hierdoor verbeteringen mogelijk werden zoals meerdelige vuurbuizen, verbeterde affuiten met bredere vuurbogen en lichtere onderdelen die het totaalgewicht van het kanon verminderden.

Buiten het gebruik van de SK C/35 op onderzeeboten werd het geschut (o.a.) geplaatst op landingsvaartuigen als de Marinefährpräme 920DM.

Technische gegevens van de SK C/35  
Kaliber:  88 mm
Gewicht van het kanon:  776 kg
Totale lengte:  3985 mm
Levensduur bij benadering:  12.000 effectieve afvuringen
Maximale vlieglengte van de granaat:  11.950 meter, bij 30 graden
Vuursnelheid:  15 – 20 rpm


Restauratie 8.8. cm SK C/35 geschut
Na aankomst van het geschut van de MFP 920DM in december 2013 bij het Bevrijdingsmuseum Zeeland kon het echte karwei beginnen. Allereerst moest alle Veerse Meer slijk verwijderd worden met een hogedrukreiniger. Hierna werd het geschut volledig in onderdelen gedemonteerd, geconserveerd en gerestaureerd en in sommige gevallen werden onderdelen gereproduceerd. Hierna werd het geschut weer per onderdeel opgebouwd. Een immense klus die 40 maanden in beslag nam. Het resultaat mag er echter zijn!

Dit project was niet gelukt zonder enkele vakbekwame vrijwilligers. Een aantal voortrekkers van dit project willen wij graag speciaal noemen: Rob van der Klooster (bankwerker/verspaner), Peter van Dam (allround vrachtautomonteur) en André Brasser (schadespecialist/monteur)  spendeerden samen heel veel uren in de restauratie, waarbij ze hulp kregen van andere vrijwilligers die de nodige hand- en spandiensten verrichten. 

Hieronder een aantal foto’s van het restauratieproces


De restauratie van dit bijzondere stuk geschut was verder niet mogelijk geweest zonder de hulp van: Hoondert Groep, Kamps Straal- en Industriële Spuitwerken, Coremans, Overlasko Constructie B.V., Provincie Zeeland, Ministerie van Defensie, Rijkswaterstaat, Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland en natuurlijk onze vrijwilligers.

logo hoondert   logo kamps    logo coremans    logo overlasko    logo provincie zeeland

logo defensie    logo rijkswaterstaat    scez

premiere 5

omroep zeeland logoKlik hier voor het item wat omroep Zeeland maakte over dit geschut.